Inge in de krant

Dinsdag 22 januari stond in dagblad Trouw een artikel naar aanleiding van het Jaar van het Voorlezen. Zelf lezen mijn vriend en ik – ook al zijn we volwassen – elkaar nog wel eens voor. Daarom interviewde Bas Maliepaard mij hierover en kwam er een fotograaf langs om het vast te leggen.

Foto: Jörgen Caris.
Foto: Jörgen Caris.

Bas Maliepaard sprak voor Trouw ‘vijf fervente voorlezers’ over hun passie. Lees hieronder het hele artikel.

Jan Meng (66) is de bekendste luisterboek-inspreker van Nederland. Hij las onder meer de Harry Potterboeken en het oeuvre van Roald Dahl voor.

“Als kind luisterde ik veel naar hoorspelen op de radio, over Paulus de Boskabouter bijvoorbeeld. Ik vond het magisch dat ik alles voor me zag, zelfs dingen begon te ruiken. Datzelfde gevoel wil ik kinderen van nu bezorgen met de luisterboeken die ik inspreek. Het begon in de jaren tachtig, toen ik voor de radio werkte. Uitgeverij Rubinstein belde me of ik ‘een Roald Dahltje wilde doen’. Dat heb ik toen met enorm veel plezier ingelezen.

“In de jaren erna volgden talloze kinderboeken, maar ook Kees de Jongen van Theo Thijssen en In de ban van de ringvan Tolkien. Dat laatste was een monsterklus, maar heerlijk om te doen, vanwege alle vechtscènes en dramatische wendingen. Kletterende zwaarden, bloedvergieten, hel en verdoemenis… dat leest lekker voor! Ik lees het liefst boeken van echte vertellers, met dialogen die goed in het gehoor liggen, want je moet een boek kunnen acteren. Ik heb voor het inspreken ongeveer het dubbele aantal uren nodig van wat er uiteindelijk op de cd staat. Meestal deel ik het op in sessies van een uur of drie. Alleen bij Harry Potter kon dat niet, die moest er snel komen. Toen heb ik tien uur achter elkaar doorgewerkt. Funest voor je stembanden.

“Meestal ga ik voor een opname even op de wc zitten om wat stemmetjes uit te proberen, maar het meeste ontstaat in de studio. Ik ben mijn eigen regisseur, er zit alleen een technicus bij. Na een hoofdstuk of twee merk ik dat het verhaal me meeneemt. Dan voel ik: zo moet het, dit is de goede toon bij dit boek. De eerste hoofdstukken doe ik aan het eind daarom nog een keer. Als ik voorlees, ben ik zelf weer kind. Ik ervaar diezelfde magie als vroeger. Ik denk dat je dat als luisteraar kunt horen. Je hoort dat ik met een brok in mijn keel zit te lezen als de vader van Kees de Jongen sterft, of dat ik geniet van het venijn in de boeken van Dahl. Ik zit echt in het verhaal.”

Veel ouders stoppen met voorlezen als hun kind eenmaal zelf kan lezen. Maar Alieke van der Wijk (46) leest haar brugklasser Mees (12) nog steeds voor.

“Laatst vroeg ik aan een kennis of hij zijn kinderen nog voorleest. ‘Ze kunnen nu zelf lezen, dus ze hebben mij niet meer nodig’, was het antwoord. Wat betreft het technische aspect heeft hij daar gelijk in, maar voor mij is voorlezen veel meer dan dat. Het is een leuke manier om iets samen met mijn kind te doen en onze fantasiewerelden te delen. Een boek is bij ons ook vaak aanleiding voor gesprekken over moeilijke onderwerpen, zoals verkering, seks of drugs. ‘Nu is het tijd voor een diepte-interview!’ roep ik dan na het voorlezen. Het werkt echt: Mees praat veel makkelijker aan de hand van een verhaal. Nu lees ik De sekte van de Cobra van Paul van Loon voor, over drugsverslaving. Mees vindt het geweldig spannend. Je kunt pubers wel een folder over dat soort onderwerpen geven, maar ik merk dat het tien keer beter blijft hangen als de informatie is ingebed in een verhaal. Daar zouden ze op scholen wat meer gebruik van moeten maken: niet alleen jaartallen stampen bij geschiedenis, maar ook een historische roman voorlezen.

“Dat ik Mees nog steeds voorlees, voelt voor ons vanzelfsprekend. Hij is mijn oudste, dus hij luistert ook altijd nog mee als ik de jongste twee voorlees. Dat is net zo’n reflex als voor de tv gaan hangen, omdat die toevallig aanstaat. Mees vindt het totaal niet kinderachtig of raar. Zelf zegt hij: ‘We gaan ermee door tot ik uit huis ga!’ Dat enthousiasme heeft ook te maken met zijn dyslexie. Voor het vak Nederlands moet hij dit jaar vier boeken lezen. Dat is voor hem een hele klus. Ik lees hem die boeken daarom voor en soms doen we om de beurt een bladzijde. We bekijken samen hoe dik het boek is en wanneer het uit moet zijn en maken dan een planning. We lezen aan de keukentafel snel nog even een paar bladzijden voor we weg moeten of we nestelen ons op de bank voor een flink uur.”

Elly van Hilst (54) is voorlezer bij de Voorleesexpress. Ze bezoekt kinderen met een taalachterstand en leest hen voor.

“In mei 2011 kwam ik op internet de Voorleesexpress tegen. Ze zochten vrijwilligers die wilden voorlezen in gezinnen waar taalarmoede heerst of helemaal geen Nederlands wordt gesproken. Dat idee sprak me meteen aan. Ik heb mijn eigen dochter altijd met veel plezier voorgelezen en het leek me zinvol om deze kinderen met hun taalachterstand te helpen. Na een intakegesprek kreeg ik een zesjarig meisje uit een Turks-Bulgaars gezin toegewezen. Het meisje sprak nauwelijks Nederlands, omdat het gezin hier pas woonde, en bij haar thuis waren geen boeken te bekennen. Ik had een paar prentenboeken bij me en begon daaruit voor te lezen. Het meisje zei geen woord, maar wees wel dingen op de illustraties aan.

“De week erop heb ik twee handpoppen meegenomen. Via de pop durfde ze langzaam maar zeker steeds meer te praten. Het is heel bijzonder om te merken hoe zo’n kind steeds vertrouwder met je wordt en heel blij is als je komt. Elke week stond ze me bij de deur op te wachten of schreeuwde ze mijn naam al door het trappenhuis. Na verloop van tijd kwam ze tijdens het voorlezen steeds dichter tegen me aan zitten.”

“De jongen uit mijn tweede gezin had niet zoveel zitvlees. Hij wilde graag uitbeelden wat ik voorlas. Als ik Hij klopte op de deur voorlas, dan ging hij op de deur bonzen. Ik maak er altijd een heel ritueel van. Even praten over hoe het op school was, een boekje kiezen, voorlezen en daarna vaak nog een spelletje doen. Ik kom twintig keer op bezoek en halverwege gaan we met het hele gezin naar de bibliotheek voor een rondleiding. De bedoeling is namelijk dat moeder, vader, broer of zus het voorlezen overneemt, desnoods in de eigen taal. Ik ben er om te laten zien hoe leuk en belangrijk boeken zijn. Dat lukt volgens mij. Je ziet de woordenschat en het enthousiasme voor boeken toenemen.”

Inge van Es (30) blogt op www.ingeleest.nl over literatuur. Zij en haar vriend Jan Oliehoek (35) lezen elkaar geregeld voor.

“Jaren geleden las ik in een tijdschrift over een echtpaar dat elkaar tijdens vakanties voorlas. Ik stelde Jan voor om dat ook eens te doen. We zijn als kind allebei veel voorgelezen en waren het erover eens hoe fijn dat was. Waarom zou je jezelf dat plezier als volwassene ontzeggen? Het eerste boek dat we echt samen hebben gelezen was De helaasheid der dingen van Dimitri Verhulst, een geweldig rauw verhaal met veel humor. Het valt niet mee om boeken te vinden die we allebei de moeite waard vinden. Jan leest graag fantasy, maar daar heb ik niets mee. Ik lees moderne literatuur, maar voor Jan mag het niet te zielig of te romantisch zijn.

“Meestal begint het voorlezen als ik een boek heb gevonden waarvan ik denk dat Jan het ook leuk vindt. Een boek waarin wat te lachen valt, zoals J. Kessels: The Novel van P.F. Thomése. We lezen dan om beurten een half uurtje voor het slapengaan. Over dat eerste Kessels-boek waren we zo enthousiast dat we ook deel 2, Het bamischandaal, integraal samen hebben gelezen. Het is een te gek boek, maar het schaamrood stond me tijdens het voorlezen op de kaken, want er komt veel platte, seksistische en homofobe taal in voor. ‘Sorry, het staat er écht!’ zei ik dan tussen het voorlezen door.

“Voorgelezen worden is voor mij de ultieme vorm van ontspanning. Ik hoef alleen maar te luisteren en mijn fantasie te gebruiken. Jan heeft een fijne stem, zijn intonatie is mooi en hij verspreekt zich nauwelijks. Hem voorlezen is voor mij een manier om hem in de watten te leggen en echt samen een verhaal te beleven. Het komt zelden voor dat je een boek tegelijkertijd met iemand anders leest. Meestal is het verhaal bij een van beiden alweer weggezakt als je het over een boek hebt. Jan en ik hebben daar geen last van en praten graag over de schrijfstijl of een bijzondere wending in het verhaal. Eigenlijk hebben we een heel klein leesclubje, een voorleesclubje.”

Roan Pronk (12) is de regerend Voorleeskampioen van Nederland. Hij won in mei vorig jaar de Nationale Voorleeswedstrijd.

“Ik hou er niet van voorgelezen te worden. Als iemand voorleest, krijg ik altijd zin om het zelf te doen. Vroeger las ik mijn knuffels al voor, maar dat doe ik nu niet meer. Ik lees wel nog steeds voor aan mijn ouders, als we met de auto met vakantie gaan. En als ik een boek voor mezelf lees, doe ik dat ook het liefst hardop. Misschien omdat ik dan beter begrijp waar het over gaat. Maar ik hou ook gewoon van acteren. Als je voorleest, kun je een beetje in een personage kruipen. Maar alleen met je stem, je moet er geen bewegingen bij maken. Toen ik op school hoorde over de Voorleeswedstrijd wilde ik meteen meedoen. Eigenlijk alleen maar voor de lol. Maar ik won op school en daarna ook van alle kinderen in Voorburg en toen ook nog de provinciale ronde. Hoe verder ik kwam, hoe zenuwachtiger ik werd. Namens Zuid-Holland mocht ik naar de landelijke finale. Dat was superleuk, maar ook heel spannend. Mijn klas mocht mee in een bus en ik kwam op het Jeugdjournaal. Ik las voor uit Eiland in de wind van Lieneke Dijkzeul, wat niet zo’n bekend boek is. Ik had het samen met Inge van kinderboekwinkel In de Wolken uitgekozen. Een goed voorleesboek moet niet te veel van de hak op de tak gaan en er moeten veel spannende stukjes in zitten.

“Van tevoren had ik veel geoefend met de stopwatch, want het mocht maar vijf minuten duren. In het begin bibberde mijn stem een beetje, maar daarna ging het goed. Het was leuk om te zien dat iedereen geconcentreerd luisterde. Ik was natuurlijk erg blij toen ik had gewonnen, en mijn klas was trots. Ik vond voorlezen zo leuk dat ik auditie heb gedaan om stemacteur te kunnen worden. Ik spreek nu series in voor Nickelodeon en Z@pp. Het zou leuk zijn als ik een keer een luisterboek mag doen.”

2013: Jaar van het Voorlezen
Dit jaar vieren verschillende voorleescampagnes en -organisaties een jubileum: Stichting Lezen bestaat 25 jaar, De Nationale Voorleeswedstrijd 20 jaar, De Nationale Voorleesdagen 10 jaar en het project BoekStart (voorlezen aan baby’s) 5 jaar. Genoeg reden om 2013 uit te roepen tot Jaar van het Voorlezen.

Volgens de initiatiefnemers is voorlezen niet alleen leuk, maar ook nuttig. Wetenschappelijk onderzoek wijst uit dat voorlezen een positief effect heeft op onder meer de taalontwikkeling, sociaal-emotionele ontwikkeling, het concentratievermogen en de schoolprestaties van kinderen. Op www.jaarvanhetvoorlezen.nl staat een overzicht van de activiteiten die worden georganiseerd in boekwinkels, bibliotheken, kinderdagverblijven en op scholen.

Het is een goed, gevarieerd artikel geworden. Ik ben blij met het resultaat!

4 reacties

  1. Monique (@Weerzinwekkend)

    Wat een leuk idee. Misschien moet ik het ook eens voorstellen aan mijn vriend *gniffelt bij het idee*. Het klinkt wel gezellig. En inderdaad, “hoe vaak komt het voor dat je tegelijkertijd hetzelfde boek met iemand leest en de leeservaring dan kan delen?”

Plaats reactie

Je kunt de volgende HTML tags gebruiken:
<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>