Recensie | Aukelien Weverling — Het land

‘Hier gebeurt niks’  luidt de ondertitel van de nieuwe roman van Aukelien Weverling. In Het land (2013, uitgeverij Meulenhoff) verloopt iedere dag zoals de vorige en de seizoenen trekken langzaam voorbij. Betje Overveen, een meisje van een jaar of twaalf, heeft maar weinig omhanden: ze vult haar dagen met turen naar de einder en lanterfanten met de kinderen uit het dorp. Men leeft volgens de richtlijnen die dominee Opvliet zondag na zondag vanaf de kansel verkondigt.

Een leven zoals het van generatie op generatie doorgegen werd met boerderij en land en stokoude gebruiken. En werd er niet gestorven dan een schep minder op je bord, want ieder die hier brede lijnen telde in gezicht en handen bleef bij je wonen tot de dood ze halen zou. Lag vanuit een bijkamer advies te kermen over hoe het best te boeren en waarschuwde met een hoofd vol Bijbel waarvoor God straffen zou. (p. 143)

Voor Betje lijkt een ontsnapping uit deze statische wereld onmogelijk. En dan komt er plotseling verandering in het dagelijks leven: Dorpsstraat 5 wordt betrokken door een nieuw gezin. Als een ‘De Filistijnen over u!’ klinkt het meteen: ‘Die benne niet van hier.’ Dat kan alleen maar onheil betekenen.

In Het land neemt het Hollandse landschap een ruime plaats in. Van eindeloos strakblauwe luchten tot en met een stramme wind: de schrijfster romantiseert het boerenleven niet. Alles ruikt ‘naar koeienstront en vergane glorie’. In een rustig voortkabbelende stijl toont Weverling het ware gezicht van een gesloten gemeenschap.

Vanaf het moment dat de vreemdelingen in het dorp zijn komen wonen, slaat het noodlot toe. Of, zoals de dorpsbewoners het zien, is ‘de toorn Gods’ opgeroepen. De kinderen grijpen eigenhandig in. Wat aanvankelijk een onschuldig kinderspel lijkt, eindigt in een gebeurtenis die niemand had kunnen voorspellen. Ik was daarom ook echt even van de kaart toen ik het boek uit had. De schrijfster houdt ons een spiegel voor en laat zien waartoe een bekrompen en zichzelf verstikkende gemeenschap in staat is.

Het vertelperspectief is bijzonder. De focalisatie ligt bij Betje, maar het is de schrijfster die het verhaal op een bepaalde afstandelijke toon vertelt: het is in de ‘je-vorm’ geschreven. Bijvoorbeeld: ‘Je steunde met de billen op de onderste spijlen van het klimrek. Keek met gekromde rug naar de schommelende woerd die het schoolplein opliep. Je hield je handen in je zakken, volgde de eend in zijn gang over de grijze tegels, opende je mond, zei: “Kwak.” Hij keek niet op of om.’ (p. 83) Het gebruik van de aanspreekvorm ‘je’ laat de lezer geloven dat alles al eens eerder is gebeurd en geeft een vertrouwd gevoel. Dit versterkt de sleur, waar Betje en de andere dorpsbewoners aan overgegeven zijn. Vaak moest ik glimlachen om ‘Moe’, de moeder van Betje. Zij strooit met spreekwoorden (‘Is de eerste juli regenachtig, geheel de maand zal wezen twijfelachtig.’), wat helemaal aansluit bij het idee dat er niets verandert in die gemeenschap.

Ik vond Het land een prachtige, bijzondere roman. Hoewel de schrijfster absoluut niet moraliserend is, laat ze wel zien wat de gevolgen kunnen zijn van angst voor het onbekende. Echt een aanrader!

Om alvast een eerste indruk te geven, deel ik hieronder twee filmpjes waarin Aukelien Weverling fragmenten voorleest uit Het land.



2 reacties

  1. Pingback: Recensie: Aukelien Weverling - Het land | Ranking the Books
  2. Pingback: Recensies -3- voor Uitdaging voor 2013: Ik Lees Nederlands! | De Boekblogger

Plaats reactie

Je kunt de volgende HTML tags gebruiken:
<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>