Recensie | F. Springer — Met stille trom

Schrijver F. Springer (pseudoniem van Carel Jan Schneider) werd in 1932 geboren in Nederlands-Indië en groeide na de oorlog in Holland op. Schneider was van beroep diplomaat en was verbonden aan de Nederlandse ambassades in New York, Bangkok, Brussel, Dhaka, Teheran en Straatsburg. Ook werkte Schneider in Angola en was hij eind jaren tachtig ambassadeur in Oost-Berlijn. Onder zijn pseudoniem F. Springer schreef hij prachtige romans en verhalen, waarbij zijn woon- en standplaatsen vaak als achtergrondlocaties dienen. Denk bijvoorbeeld aan Tabee, New York (1974),  Bougainville (1981), Teheran, een zwangezang (1991), Bandoeng-Bandung (1993), Bangkok, een elegie (2005) en Quadriga, een eindspel (2010). Maar nog vóór zijn loopbaan als diplomaat was Schneider van 1958 tot en met 1961 werkzaam als bestuursambtenaar in Nederlands-Nieuw-Guinea (het huidige Papoea). Hierover verscheen postuum de roman Met stille trom. Een journaal (2012).

De schrijver maakte dus de eindfase van de Nederlandse koloniale aanwezigheid in Nieuw-Guinea mee. Tijdens zijn verlof schreef hij een gefictionaliseerd verslag van zijn ervaringen aldaar. Het boek werd in 1963 aangekondigd, maar de auteur trok het manuscript terug. Springer legt in een voorwoord uit waarom: Nederland was in de tussentijd haar overzeese gebiedsdeel verloren en men hield er een wrange nasmaak aan over. Bovendien was het verhaal geen ‘heroïsche, aangrijpende beschrijving van het drama der Papoea’s die zo abrupt de Hollandse, vaderlijke arm om hun schouders moesten missen’, maar een schets van de wederwaardigheden van lokale bestuursambtenaren, zendelingen, een onderzoeker en al wie daar destijds een rol speelde. Nu, bijna vijftig jaar later, wordt deze geschiedenis aan de vergetelheid onttrokken. De auteur schreef kort voor zijn dood een voorwoord bij het boek en zo wordt Met stille trom, F. Springers eigenlijke debuut, toch nog gepubliceerd.

De ondertitel van het boek is ‘Een journaal’, en zo leest het ook: als een verzameling aantekeningen. Het lijkt alsof de schrijver eerst achtergrond-informatie geeft, alvorens het verhaal verteld wordt. Halverwege het boek dacht ik: dit is het verhaal. En dat verhaal is zeker de moeite waard. Het gaat over een zekere controleur Leen Dekker die een groot en onherbergzaam gebied onder zijn hoede krijgt, waar inheemse Papoea-stammen voortdurend oorlog voeren. Als hoogste lokale gezagdrager geeft Dekker leiding aan de politie en maakt hij plannen voor de ontwikkeling van het gebied. Naast deze koloniale mogendheid, zijn ook zending en missie aanwezig, en een antropoloog die een anti-koloniale visie vertegenwoordigt. De onderlinge machtsverhoudingen zijn een belangrijk thema in het boek.

Ten tijde van het verhaal is al duidelijk dat Indonesië het gebied zal opeisen. De ambtenaren hebben daar moeite mee: ze zien het als hun taak om de lokale bevolking bij te staan. De antropoloog, die de Nederlandse bemoeienis afkeurt, wordt dan ook onsympathiek gevonden. Men is ervan overtuigd dat het westerse beschavingsideaal overgebracht moet worden. In die zin is het boek gedateerd, maar wat wil je ook: Springer schreef de roman toen hij nog in dienst was van de koloniale regering. Omdat het boek sterk autobiografisch is, kan Met stille trom beschouwd worden als een autenthiek verslag van dat stukje Nederlandse geschiedenis. Springer is in die vijftig jaar wel van mening veranderd; terugkijkend spreekt hij over ‘ons ridicule bijrolletje op het wereldtoneel’…

Springers verteltrant is vlot: de gebeurtenisssen volgen elkaar snel op en ook weet de schrijver spanning te brengen in de vertelling. Daar tussendoor weeft hij nog een romantische geschiedenis, een vast ingrediënt bij F. Springer. Ook merk je dat de schrijver erg betrokken is bij zijn onderwerp. Een minpunt is dat er nogal wat feiten en namen voorkomen in het verhaal. Maar door de rake karakterschetsen kun je je als lezer snel  een beeld vormen van de verschillende personen. Mijns inziens is het boek vooral aantrekkelijk voor lezers die geïnteresseerd zijn in de koloniale politiek (er worden  misstanden onthult en men krijgt een inkijk in de dagelijkse gang van zaken in Nederlands laatste kolonie). Maar ook liefhebbers van het werk van Springer zullen met deze roman aan hun trekken komen. Zijn typische, heldere stijl met hier en daar wat ironie, is in zijn allereerste roman zeker al te vinden.

4 reacties

  1. Pingback: Recensies -2- voor Uitdaging voor 2013: Ik Lees Nederlands! | De Boekblogger
  2. Pingback: Recensies -3- voor Uitdaging voor 2013: Ik Lees Nederlands! | De Boekblogger

Plaats reactie

Je kunt de volgende HTML tags gebruiken:
<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>